Het wauw-gevoel op de Hoge Venen

We zijn natuurlijk verre van poolkoud, maar de winter komt eraan en dat wordt gevoeld, zeker in het zuiden van ons land. Eind november en op het hoogste puntje van België ligt er 10 centimeter sneeuw. Dus "goed nieuws voor Marleen", want ik ben fan van een stevige sneeuwwandeling. Op naar de Hoge venen. Op naar de Signal de Botrange.



De Hoge Venen zijn ongetwijfeld één van de meest ongerepte stukjes natuur van de Ardennen. Een dagje sneeuwpret op de Hoge Venen staat voor mij bijna gelijke als een wintertrip naar het buitenland. De unieke steppe van de Hoge Venen, het weidse en onbewoond hoog plateau, de lange vlonderpaden, het moerasachtig landschap en het geluid van de sterke wind door de vele sparrenbossen, dat geeft een wauw-gevoel zoals je enkel in de Oostkantons kan beleven.



We starten onze wandeling van 8,7 km op de parking van het Signal de Botrange en volgen de blauwe rechthoek met het bosbessenlogo. De locatie is met zijn 694 meter boven zeeniveau meteen het hoogst gelegen deel van de hele Benelux. De naam is afkomstig van het lichtbaken bovenop de toren die niet enkel reizigers gidste, maar ook als geografisch markeringspunt en referentiepunt dienst deed in de tijd van Napoleon.



Aan dit startpunt van mooie wandelingen vind je ook de Butte Baltia, een heuveltje met trap van een goeie 20 treden die je nog 6 meter hoger brengt tot de kaap van 700 meter boven de zeespiegel. Het werd hier gebouwd in 1923 op initiatief van baron Baltia, die toen koninklijk commissaris voor de Oostkantons was. In 1934 werd bovendien ook nog een 24 m hoge stenen toren gebouwd. Tegenwoordig heeft Signal de Botrange enkel nog een toeristische functie.



Vanaf de parking aan Signal de Botrange lopen we vrijwel meteen naar de onmetelijkheid van het hoogplateau. De karakteristieke houten paden, de vlonders, leiden ons naar een uniek natuurgebied. Deze paden zijn er niet zomaar toevallig gelegd, maar zijn de erfenis van een oude weg, de Via Mansuerisca - de Weg van de krotten - die in de 7de eeuw door het Romeinse leger werd aangelegd. Deze oude weg liep van Maastricht, via Limbourg aan de Vesder tot in Trier. Het was een heuse heirbaan, die de hoogvlakte doorkruiste en de grens vormde tussen het Prinsdom Stavelot-Malmedy en het Prinsdom Luik. Zo zie je maar dat ogenschijnlijk nieuwe paadjes een heuse geschiedenis kunnen verbergen...



Vandaag houden deze houten paden onze voeten droog, want we bevinden ons boven een natuurlijke ‘spons’ van maar liefst 1,5 meter turf. Af en toe hoor je het rustgevend geluid van kabbelend water onder de paden, wat de wandeling echt uniek maakt. Maar ... ook gevaarlijk. De vele diepe veenplassen zouden een roekeloze wandelaar eenvoudigweg kunnen verzwelgen. Dat maakt dat de Hoge Venen naast een prachtige, toch ook wel een mysterieuze en beperkt toegankelijke omgeving.



In de verte spotten we onderweg enkele ‘skeletbomen’. Het zijn de overblijfselen van een dennenbos dat in de 19de eeuw werd aangeplant en vanaf 1950 door opeenvolgende branden werd geteisterd. Door brand en de uitgesproken weersomstandigheden hier op het plateau, zorgen deze skeletten nu voor een bijzondere, maar desolate aanblik in het landschap.



De mist, het grijze wolkendek en het polaire aandoende sneeuwlandschap doen het zicht op hemel en aarde vergagen. Ter hoogte van Wez bereiken we precies het einde van de wereld. Het vormt het hart van dit grote en zeer oude natuurreservaat in België. Op de schrale, moeilijk waterdoorlatende bodem vormden zich 10.000 jaar geleden – na de laatste ijstijd – de eerste hoogvenen.



In het veen van Poleûr, dat ligt tussen de Baraque Michel en de Mont Rigi, stappen we weer verder over de houten paden en komen we in een landschap dat het resultaat is van meerdere eeuwen menselijke activiteit. De volgelopen ondiepe kuilen zijn de goed herkenbare restanten van de turfwinningen.



Wat verder ontdekken we de Neûr-Lowé, een veengebied met beroemde monumenten. Je vindt er Boulté, een 4,5 meter hoge zuil met bovenop een pijnboomappel die in 1566 als wegmarkering werd opgericht. Ook stoot je er op het beroemde Kruis van de Verloofden, de nagedachtenis aan twee verloofden die op 21 januari 1871 tragisch in de fagne door ontbering omkwamen - een extreem voorbeeld van hoe verdwalen echt slecht kan aflopen.

Maar ook het eikenhouten Kruis van de Prior, met ​​een gesneden houten Christus uit 1566 geplaatst ter aanduiding van territoriale grenzen (Franchimont en Stavelot) van weleer vind je nog terug. Of wat dacht je van het bed van Keizer Karel de Grote? Nee, geen echt bed, wel een imposante, verticaal staande monoliet uit kwarts en een duizend jaar oude grensteen waaraan de legende verbonden is dat de keizer er tijdens een jachtpartij zich een tijdje te rusten zou gelegd hebben... De wandeling biedt naast natuur, dus zeker ook wel wat cultuur.


Het plateau van de Hoge Venen is één van de laatste stukken wildernis in onze streken, zo groot en immens. Een ideale plek om even helemaal tot rust te komen! Deze wandeling in een mooi besneeuwd landschap heeft me bij momenten doen twijfelen of ik in België of in Zweden was. Lukt het je op één van de komende winterse dagen vroeg in de voormiddag richting Botrange te geraken, aarzel dan zeker niet. Een rugzak met wat lekkers voor onderweg maakt je uitstap helemaal compleet. En route, zou ik zeggen!


Veel wandelplezier !



WANDELEN - GEZONDHEID - BELGIE - ARDENNEN - HOGE VENEN